Afval

Veilig afvalbeheer

Het kernafval wordt op een verantwoordelijke wijze beheerd


Een verantwoordelijk beheer maakt het mogelijk om het afval te isoleren van het milieu tot zijn radioactiviteit door natuurlijk verval gedaald is tot een voldoende laag niveau. De principes van het beheer van radioactief afval zijn vergelijkbaar met die van het beheer van industrieel en huishoudelijk afval, en omvatten verschillende aspecten, zoals volumevermindering, sortering, terugwinning, enz.; er dient evenwel rekening te worden gehouden met het specifieke karakter van de verwerkte stoffen. 


Het laag- en middelactief afval wordt door NIRAS opgehaald bij de meeste producenten. Dit afval wordt geïnventariseerd en getransporteerd naar de verwerkings- en conditioneringsinstallaties van Belgoprocess in Dessel. Sommige producenten, zoals Electrabel, hebben installaties waarmee ze zelf een groot deel van hun afval kunnen verwerken. Dit afval zou vanaf het midden van het volgende decennium worden opgeslagen op het grondgebied van de Kempische gemeente Dessel. De ministerraad van 23 juni 2006 heeft zijn akkoord gegeven voor de start van de concrete ontwerpfase van een geïntegreerd project voor de oppervlakteberging van afval van categorie A in Dessel.



Het oppervlaktebergingsconcept van STOLA
1. De vaten met geconditioneerd afval worden eerst in een betonnen caisson geplaatst. In de caisson wordt cementmortel gegoten om de ruimten tussen de vaten op te vullen. Hierdoor ontstaat een monoliet die het vervoer van het afval tot in de bergingsinstallatie vergemakkelijkt. Deze monoliet vormt ook een eerste barrière tussen het afval en de biosfeer.
2. De tweede barrière wordt gevormd door betonnen modules waarin de monolieten worden gestapeld.
3. De derde barrière bestaat uit verschillende lagen die op de betonnen modules worden aangebracht. De gebruikte materialen zijn natuurlijk of kunstmatig. Een vegetatielaag verleent de site een natuurlijk uitzicht.
4. De berginginstallatie, ten slotte, bevat controlegalerijen, waardoor de werking ervan permanent kan worden gecontroleerd en, indien nodig, aangepast.  


Hoogradioactief afval (vooral splijtstof) wordt verglaasd als de gebruikte splijtstof is gerecycleerd, of direct is afgevoerd. In beide gevallen volgen alle wetenschappelijke programma's, die vaak het voorwerp uitmaken van nauwe internationale samenwerking, een zelfde aanpak, nl. de bouw van infrastructuren voor definitieve berging in diepe en stabiele geologische lagen die hun isolerend vermogen gedurende miljoenen jaren hebben bewezen of in staat blijken te zijn om de eventuele migratie van radionucliden naar de biosfeer zeer doeltreffend te beperken. Er dient op te worden gewezen dat hoogradioactief afval pas na een voldoende lange afkoelingsperiode definitief mag worden geborgen (50 jaar).


Finland heeft gekozen voor de oplossing van ondergrondse berging, op ongeveer 500 m diepte in een bodem van kristallijn gesteente, op de site van Olkiluoto; met de bouw van de toegangsgalerij en het proeflaboratorium werd in 2004 begonnen, en de ingebruikneming is voorzien voor 2020. In Frankrijk is een belangrijke stap gezet met de nieuwe wet van 28 juni 2006, die de komende fasen vastlegt (de plaats van een bergingssite in diepe geologische lagen moet worden gekozen tegen 2015 en de opening van deze site is gepland voor 2025).


In België bestudeert NIRAS de bouw van een infrastructuur voor definitieve berging die uitstekende eigenschappen bezit wat het vasthouden van radio-elementen betreft en die een doeltreffende bescherming op zeer lange termijn biedt. Ondertussen wordt het afval van categorie C opgeslagen op de site van Belgoprocess in Dessel, in een speciaal daartoe ontworpen gebouw. Voor meer informatie, zie http://www.nirond.be/.


In alle gevallen worden de huidige en toekomstige kosten van het kernafval reeds vele jaren opgenomen in de kostprijs van het nucleaire kWh.